ICJ Internationaal Gerechtshof

DATUM

31 maart 2026

TEKST

Mick van Biezen

BEELD

Elise Maaskant

Het Internationaal Gerechtshof bestaat 80 jaar

Na de Tweede Wereldoorlog startte het Internationaal Gerechtshof – International Court of Justice (ICJ) – in het Vredespaleis. Maar wat doen ze daar eigenlijk?

DATUM

31 maart 2026

TEKST

Mick van Biezen

BEELD

Elise Maaskant

Het Internationaal Gerechtshof bestaat 80 jaar

Na de Tweede Wereldoorlog startte het Internationaal Gerechtshof – International Court of Justice (ICJ) – in het Vredespaleis. Maar wat doen ze daar eigenlijk?

In de rechtszaal kijkt Yuji Iwasawa, de Japanse president van het Internationaal Gerechtshof (International Court of Justice, ICJ), alert over zijn brilletje. Naast hem zit Jean-Pelé Fomété, de adjunct-griffier uit Kameroen, wiens carrière bij de Verenigde Naties (VN) in 1995 in Den Haag begon. Ook aanwezig: hoofd Voorlichting, de Nederlandse Monique Legerman. In 2026 viert het Hof zijn tachtigjarige jubileum. Vlak na de Tweede Wereldoorlog vond in deze zaal de eerste zitting plaats. Tachtig jaar internationaal recht in het hart van Den Haag. Toch overkomt het Legerman nog regelmatig, zo vertelt ze, dat ze in de tram naar het Vredespaleis mensen zich hardop hoort afvragen: “Wat gebeurt daar eigenlijk?”

ICJ Internationaal Gerechtshof

Meneer Iwasawa, hoe zou u deze vraag beantwoorden?

“Het ICJ beslecht geschillen tussen staten die betrekking hebben op allerlei onderwerpen van het internationaal recht,” zegt hij kalm. “In tegenstelling tot het ICC, het Internationaal Strafhof, dat ook in Den Haag gevestigd is en zich richt op het berechten van individuen voor genocide, oorlogsmisdrijven, misdaden tegen de menselijkheid en het misdrijf van agressie. Het ICJ is het hoogste rechtsorgaan van de Verenigde Naties en kan in opdracht van de VN-organen ook advies geven op het vlak van internationaal recht. Zo heeft de Algemene Vergadering van de VN bijvoorbeeld vragen voorgelegd aan het ICJ over de verplichtingen van staten omtrent klimaatverandering. Het Hof is in juli 2025 tot de conclusie gekomen dat klimaatverandering niet alleen een politieke uitdaging is, maar ook juridische verplichtingen creëert voor alle staten. De functie van het ICJ is dus tevens het ophelderen van het recht in een bewegende wereld. Zo weten staten wat de manoeuvreerruimte is.”

Stel, Nederland wil België dagen – hoe gaat dat in zijn werk?

Adjunct-griffier Fomété glimlacht. “Als vertegenwoordiger van de Nederlandse staat beland je dan eerst bij de griffier. We bestuderen of jouw zaak überhaupt een juridische basis heeft om te worden voorgelegd. Zo ja, dan betekent dat niet dat Nederland in het gelijk wordt gesteld, maar wel dat een procedure kan worden gestart. De schriftelijke fase begint. Omdat staten gelijk zijn voor het Hof krijgt de gedaagde partij evenveel tijd voor het inleveren van de pleidooien. Hierna volgt de zogenaamde mondelinge fase, waarin partijen hun standpunten verder verduidelijken door in de rechtszaal te pleiten. Wanneer die fase afgerond is, gaan de vijftien rechters die aan het Hof werken in beraad. Uiteindelijk doet het Hof een uitspraak, ongeveer een half jaar na de schriftelijke fase en de hoorzittingen die erop volgen.”

Hoe gaan staten om met zo’n uitspraak?

Legerman antwoordt: “In grofweg de meeste zaken volgen ze de uitspraak van het Hof. In enkele gevallen gebeurt dat niet. Dat zijn ook echt spraakmakende uitzonderingen. Uitspraken van het Hof zijn bindend, maar de juridische adviezen niet. Zij gelden als breed erkende juridische uitspraken, maar het is aan het VN-orgaan, of de organisatie die om het advies heeft gevraagd, om te beslissen wat ermee wordt gedaan. Je ziet vaak dat staten rekening houden met een advies van het Hof, omdat het belangrijke juridische en morele waarde heeft.”

Wat is de rol van het ICJ in de huidige internationale omgeving?

“Ons werk draagt bij aan het oplossen van geschillen tussen twee of meer staten, maar ook aan het inzichtelijk maken wat de wet voorschrijft en vereist dat ze doen,” zegt Iwasawa. “In een tijd van internationaal conflict is dat belangrijker dan ooit.”

Fomété vult aan: “Het ICJ is het krachtigste gerechtelijke instrument van de VN – er is geen hoger internationaal gerechtelijk orgaan. Wij staan voor het internationaal recht, dat zorgt voor gelijkheid tussen staten. De VN is opgericht als reactie op de Tweede Wereldoorlog met een eenvoudig doel, althans op papier: nooit meer oorlog. Het ICJ dient als een forum voor staten om via het internationaal recht vreedzaam tot oplossingen te komen voor conflicten.”

Wat zijn mijlpalen in de tachtigjarige geschiedenis van het Hof?

“In beginsel is elke zaak belangrijk,” zegt Iwasawa. “Juist de cumulatieve inspanning zorgt ervoor dat het recht leidend is, dat we niet zijn overgeleverd aan de wetten van de jungle. Maar – aangezien ik president ben sinds maart 2025 – wil ik graag opnieuw verwijzen naar de klimaatuitspraak. Deze uitspraak is in ten minste twee opzichten een mijlpaal: ten eerste was er een historische en ongekende deelname. 96 staten en 11 internationale organisaties kwamen hier, in Den Haag, om hun standpunten te presenteren tijdens de mondelinge behandeling. In die week kon je het internationale recht hier inademen.

UN Photo/ICJ-CIJ/Frank van Beek.

Ten tweede beschrijft het advies uitgebreid de verplichtingen van staten om de bescherming van het klimaatsysteem te waarborgen en de rechtsgevolgen die voortvloeien uit schending van die verplichtingen. Staten hebben verplichtingen op grond van diverse verdragen en het gewoonterecht. Het Hof heeft een harmonieuze interpretatie van die verplichtingen gegeven. Het dient als een echte leidraad voor alle staten om te weten wat hun wettelijke verplichtingen zijn. Zo maakt het Hof duidelijk dat staten verplicht zijn om met een strikte norm van zorgvuldigheid te handelen om aanzienlijke schade aan het klimaatsysteem te voorkomen. Deze procedure is een voorbeeld van hoe urgente mondiale kwesties van onze tijd effectief kunnen worden aangepakt, waarbij het internationaal recht fungeert als kader dat inhoud geeft aan de politieke inspanningen van staten.”

“Het is krachtig,” zegt Fomété, “dat het idee om deze zaak aanhangig te maken oorspronkelijk afkomstig was van de eilandengroep Vanuatu en andere eilandstaten die extra kwetsbaar zijn voor de gevolgen van klimaatverandering, zoals zeespiegelstijging en extreme weersomstandigheden. Een andere belangrijke zaak voor mij als jonge Kameroener was een grensconflict tussen Kameroen en Nigeria. Voor velen was het een bron van voldoening dat een uitspraak van het Hof een einde maakte aan het geschil.”

Hoe is de band van het Hof met de stad Den Haag?

“Er wordt veel samengewerkt met de gemeente en met Buitenlandse Zaken,” zegt Fomété. “De burgemeester is een geweldige vertegenwoordiger van de stad – ook internationaal. Ik vind dat er nog meer gecommuniceerd mag worden over de rol van Den Haag als wereldhoofdstad van vrede en recht. Hague Project Peace and Justice, een initiatief van de gemeente en Buitenlandse Zaken, kan hierbij een belangrijke rol spelen. Het project omvat een netwerk van 180 in Den Haag gevestigde organisaties en initiatieven die allemaal werken aan het bevorderen van vrede en recht. Het gaat om instituties zoals het Hof, ngo’s, kennisinstellingen, burgerinitiatieven en journalisten. Samenwerking bevordert de gezamenlijke doelen en kan zorgen voor meer bewustwording. Inwoners van Den Haag mogen trots zijn op de globale positieve invloed van hun stad.”

Wat is jullie hoop voor de toekomst?

“Als je hier in de voorzaal de schilderijen bekijkt van de presidenten,” zegt Legerman, “valt op dat er maar twee vrouwen tussen zitten. Dat mogen er best meer worden.” Ze glimlacht. “Tegelijk hoop ik dat jonge studenten zowel realistisch als hoopvol blijven als zij een carrière nastreven binnen het internationale recht. Het is een competitieve wereld, maar in een stad als Den Haag zijn er al veel meer kansen dan elders. Elk jaar hebben we een programma waarbij vijftien studenten van over de hele wereld een jaar lang mogen meelopen met de vijftien rechters die hier aan het Hof werken. Daarbij kun je oneindig veel leren.”

ICJ Internationaal Gerechtshof

Van links naar rechts: Monique Legerman, hoofd Voorlichting, Yuji Iwasawa, president van het Internationaal Gerechtshof, en Jean-Pelé Fomété, adjunct-griffier.

“Er is sprake van een paradox,” vertelt Iwasawa. “Enerzijds is het een goed teken dat de werklast bij het Hof alsmaar toeneemt, want dat betekent dat het recht aan invloed wint. Anderzijds is de realiteit dat we maar 125 medewerkers hebben die van zonsopkomst tot ondergang – en vaak later – bezig zijn. Meer budget is wenselijk. Ook zal het voor vrede en rechtvaardigheid positief zijn als meer landen de rechtsmacht van het Hof erkennen.”

“Communicatie is cruciaal,” zegt Fomété. “Wij zijn een globaal orgaan. Als je de uitspraken van het Hof ook daadwerkelijk voor de hele wereld toegankelijk wilt maken, heb je – los van de communicatie-uitdagingen – miljoenen pagina’s aan vertalingen nodig. Meer mensen moeten weten waar het ICJ voor staat en wat er gebeurt. Meer erkenning van het ICJ betekent het begindoel, van tachtig jaar terug, dichter naderen: geschillen oplossen via het recht en niet door oorlog.”

www.icj-cij.org/home